Jules Schelvis werd op 7 januari 1921 in Amsterdam geboren aan Rapenburg. Zijn vader was volgens Joods Amsterdam diamantzager. Jules Schelvis volgde na zijn middelbare schooltijd een opleiding tot drukker. Hij ging aan de slag bij de Joodse drukkerij Lindenbaum, tot hij in 1941 werd ontslagen, nadat de drukkerij op last van de Duitse bezetters was overgenomen en het joods personeel er niet meer mocht werken. In mei 1943 werd hij tegelijk met zijn vrouw Rachel Borzykowsk en een groot deel van zijn familie opgepakt door de Duitsers tijdens een grote razzia in Amsterdam. Ze werden overgebracht naar Kamp Westerbork in Drenthe.

MARTELGANG Op 1 juni 1943 werd Schelvis met ruim drieduizend andere Joden vervolgens op transport gezet naar vernietigingskamp Sobibor in Oost-Polen. Hij gaf zich daar op voor wat hij dacht dat de ordedienst was, maar werd te werk gesteld in Kamp Dorohucza. Zijn vrouw en haar ouders werden in Sobibor vergast. Schelvis' martelgang door zeven nazikampen duurde twee jaar, aldus Wikipedia. Uiteindelijk werd Jules Schelvis op 8 april 1945 in Kamp Vaihingen in Duitsland door Franse troepen bevrijd. Schelvis had toen vlektyfus en woog nog slechts veertig kilo. Op 30 juni 1945 keerde hij terug in Amsterdam. Met uitzondering van zijn zuster en moeder waren al zijn familieleden en zijn vrouw door de nazi's omgebracht.

BOEKEN Het duurde tot na zijn pensionering in 1982 tot hij zijn ervaringen op papier besloot te zetten. Hij schreef enkele boeken, waaronder Binnen de poorten en Vernietigingskamp Sobibor. In dat kamp werden zeker 169.800 mensen, voornamelijk Joden, vermoord. Schelvis was een van de slechts achttien Nederlandse overlevenden.

EREDOCTORAAT In 1993 verscheen zijn tweede boek Vernietigingskamp Sobibor dat in Nederland en Duitsland ontvangen werd als een wetenschappelijk werk. In 2008 ontving hij hiervoor van de Universiteit van Amsterdam een eredoctoraat. Mede door zijn boeken begon er grotere belangstelling te ontstaan voor Sobibor. In 1999 richtte hij de Stichting Sobibor op. Deze stichting wil de herinnering in stand te houden aan allen die gedeporteerd zijn naar Sobibor, met bijzondere aandacht voor de 34.313 Joden die vanuit Kamp Westerbork in 19 transporten naar het vernietigingskamp zijn gebracht en daar zijn vermoord. Hoewel er in Sobibor ook veel landgenoten zijn omgekomen was het vernietigingskamp tot ver na de oorlog in Nederland minder bekend dan Auschwitz. 

IN HERINNERING HOUDEN Schelvis trad in Duitsland ook op als burger-aanklager op tegen kampbeulen en ging lezingen houden. Hij was ook adviseur bij diverse initiatieven om de Holocaust als waarschuwing in de herinnering te houden. In Amstelveen ondersteunde hij het scholenproject `Ontmoeten- en (Her)denken’ altijd ondersteund. Hij was ook aanwezig tijdens een bijeenkomst van dit project in de synagoge in Amstelveen op 15 april 2016 met leerlingen van de Piet Heinschool, de Cirkel en de Westwijzer. Vanwege zijn hoge leeftijd was hij niet meer in staat om een toespraak te houden, maar hij ging wel met medewerkers van het scholenproject en met kinderen in gesprek. 

GETUIGENIS Koning Willem-Alexander ontmoette Jules Schelvis op 30 juni 2014 in de Westerkerk in Amsterdam. Daar vond toen een herdenkingsconcert plaats waar Schelvis zijn aangrijpende verhaal vertelde. Het doorvertellen van zijn verhaal was zijn levensmissie geworden. Op de koning had dat diepe indruk gemaakt, zo bleek maandagavond. "Hoe voelde de ultieme onvrijheid? Er is één getuigenis die ik nooit zal vergeten. Het was hier in Amsterdam, in de Westerkerk, bijna zes jaar geleden. Een kleine man met heldere ogen - fier rechtop met zijn 93 jaar - vertelde ons het verhaal van zijn reis naar Sobibor, in juni 1943. Zijn naam was Jules Schelvis. Daar stond hij, breekbaar maar ongebroken, in een volle, muisstille kerk. Hij sprak over het vervoer met 62 mensen in één veewagon. Over de ton op de kale vloer. Over de regen die door de kieren spatte. Over de honger, de uitputting, de smerigheid. Je ging er uitzien als een schooier”, zei hij. En je hoorde in zijn stem hoe erg hij dat had gevonden. Hij vertelde over de horloges die bij aankomst door soldaten van polsen werden gerukt. Over hoe hij zijn vrouw Rachel in de chaos kwijtraakte. Nooit zag hij haar terug. “Welk normaal mens had dit kunnen bedenken? Hoe kon de wereld toestaan dat wij, rechtschapen burgers van Nederland, als uitschot werden behandeld?” Zijn vraag bleef hangen tussen de pilaren van de kerk. Ik heb er geen antwoord op," aldus de koning in zijn 4 mei-toespraak

De familie van Jules Schelvis was verrast door de woorden van koning Willem-Alexander. "Ik vond het heel mooi, een prachtig eerbetoon aan mijn vader,” zei zijn dochter Marianne tegen Hart van Nederland

Jules Schelvis overleed op 3 april 2016. Zijn uitvaart vond vijf dagen later plaats op 8 april. De familie had voor deze datum gekozen omdat 8 april een bijzondere datum voor hem was. Hij werd op 8 april 1945 door Franse troepen bevrijd uit Kamp Vaihingen bij Stuttgart.

STRAATNAAM Jules Schelvis zal in Amstelveen in de nog te bouwen wijk De Scheg met een eigen straatnaam worden geëerd. Dit werd in bijzijn van zijn familieleden in oktober 2016 bekendgemaakt door staatssecretaris Martin Van Rijn en de toenmalige wethouder Jeroen Brandes.