Peter en Belia in hun oliebollenkraam.
Peter en Belia in hun oliebollenkraam. Naomi Heidinga

Oliebollenkraam in Stadshart Amstelveen én kermisattractie: ‘Geen vak, maar een leven’ voor Peter en Belia Verbruggen

22 november 2023 om 16:00 Zakelijk

AMSTELVEEN Peter en Belia Verbruggen staan met een oliebollenkraam in het Stadshart van Amstelveen. Ze staan er van november tot januari. Best een lange tijd, vindt het stel, dat houdt van afwisseling. In de zomer hebben ze een eigen attractie op de kermis. Daarmee reizen ze heel Nederland door.

De ouders van Belia hadden ook een oliebollenkraam. Ze is als het ware in het vak gerold. Ze wilde aanvankelijk wel wat anders, maar toen hielden haar ouders er op vrij jonge leeftijd mee op. “Mijn moeder was ziek, dus ze stopten noodgedwongen toen ze 58 jaar oud waren.” Bovendien was Belia in de tussentijd Peter tegengekomen. Zijn moeder kwam uit de kermiswereld, dus hij was bekend met die wereld. Peter zag het wel zitten om de kraam van zijn schoonouders over te nemen. Belia vond het zonde om het bedrijf verloren te laten gaan. Daarmee was hun toekomst bezegeld. “In ons eerste huwelijksjaar hebben we deze kraam gekocht,” vertelt Peter. Die hebben ze inmiddels 23 jaar.

Het is eerder een manier van leven, dan een baan.

LIMBURG EN FRIESLAND

Ze staan al jaren in Amstelveen. In het verleden hadden ze ook een kraam in Amsterdam, maar die heeft hun zoon overgenomen. Hij heeft er een rupsbaan bij, een attractie waarmee hij buiten het oliebollenseizoen op de kermis staat. Peter en Belia staan ook op de kermis met een attractie, en staan daarmee op kermissen in heel Nederland. “We staan op kermissen van Friesland tot Limburg.” Het is hard werken op de kermis, maar de afwisseling vinden ze erg prettig. Dat is in Amstelveen wel anders. Ze staan er van 1 november tot doorgaans de eerste week van januari. De kraam is geopend van dinsdag tot en met zondag. “We kennen hier elk steentje,” aldus Peter. Op een regenachtige dag valt het uitzicht een beetje tegen. Toch zijn er nu al geregeld klanten. In december wordt het pas echt druk. “Ik kijk elk jaar uit naar november, het moment dat we in Amstelveen staan,” aldus Belia. “In januari ben ik echter ook blij dat we weer weg gaan. Met de kraam in Amstelveen weet je precies waar je aan toe bent. De regelmaat voelt bijna als vakantie. Maar we houden meer van afwisseling.”

ONDERHOUD

Het zijn lange dagen. “We gaan tegen half acht op pad en zijn ‘s avonds tegen acht uur weer thuis,” aldus Peter. Ze wonen in Gemonde, Brabant, maar tijdens de Amstelveense maanden verblijven ze in Abcoude. “Heen en weer rijden is geen doen.” Qua temperatuur is het nog goed te doen in de kraam. “Mocht het echt koud zijn, dan zetten we er een kacheltje bij, maar meestal is dat niet nodig. De winters zijn niet meer zo koud. Al kun je beter vrieskou hebben met zon dan nattigheid met wind,” aldus Belia. Na het oliebollenseizoen breekt een wat rustigere periode aan. “Van januari tot maart gaan we niet op pad. Dan is het tijd voor andere werkzaamheden, onder meer het onderhoud. Ook is er gelegenheid voor vakantie. Vanaf april beginnen de kermissen weer.”

Peter en Belia Verbruggen hebben een oliebollenkraam in het Stadshart van Amstelveen en staan daarnaast op kermissen. Foto: Naomi Heidinga

OLIEPOUCE

Oliebollen werden tot voor kort elk jaar getest door het AD. Die maakte een ranglijst van beste en slechtste oliebollen. Peter en Belia hebben zich er nooit druk om gemaakt. Aan het oliebollenrecept hebben ze in al die jaren niets veranderd. “We gebruiken nog steeds het recept van Belia’s ouders. Als je kijkt naar de oliebollen die getest worden dan valt vooral de vorm op. Die oliebollen zijn perfect rond en gelijk van vorm. Vaak worden ze met behulp van een machine gemaakt. Het maken van oliebollen is een ambacht, vinden we. Dat doen we gewoon met de hand.” 

We kiezen ervoor om het assortiment behapbaar te houden, al spelen we wel in op trends. Zo hebben we de oliepouce: een oliebol met room en roze fondant.

Wel hebben ze voor een andere olie gekozen om in te bakken. ‘Voorheen gebruikten we arachideolie, maar vanwege een toename van het aantal mensen met pinda-allergie zijn we daarmee gestopt.” Ze hebben wel lactosevrije oliebollen, maar geen glutenvrije variant. “Die kunnen we wel maken, maar we kunnen niet garanderen dat er geen sporen van gluten in zitten. Zonder 100 procent zekerheid kun je het beter niet doen, vind ik.” Ze spelen wel in op trends, maar kiezen ervoor hun assortiment behapbaar te houden. “Er is zoveel bijgekomen qua smaken. Vroeger wilde men een ananasbol, maar tegenwoordig is de Nutellabol heel populair!” Ook andere chocoladesmaken hebben hun intrede gedaan, zoals bueno en oreo. Het stel doet op eigen wijze mee met de hype van de crompouce. “We hebben de oliepouce: een oliebol met room en roze fondant.”

MANIER VAN LEVEN

Ondanks de lange dagen zouden Belia en Peter niet anders willen. “We gaan door zolang we er schik in hebben,” aldus Peter. De oliebollen komen hun ook na het seizoen niet de neus uit. Peter: “Ik eet er elke dag wel één.” Echt kiezen voor dit vak gaat niet, denkt Belia. “Je wordt niet wakker en denkt: ik ga een oliebollenkraam beginnen. Meestal rol je erin. Het vak is wel in trek, zien we om ons heen. Doorgaans heeft men geen moeite om opvolging te vinden. Zo is het bij ons ook. Onze zoon treedt in onze voetsporen. Hij kan goed leren, maar koos toch voor dit bestaan. Het is eerder een manier van leven, dan een baan.”

Meer informatie op: www.verbruggenderaden.nl.

Naomi Heidinga

Dit verhaal stond deze week in de BaanDichtbij special in de krant. Bekijk de uitgave hier. 

Deel dit artikel via:
advertentie
advertentie