Rein van Westerink samen met zijn vrouw Chus en dochter Bianca.
Rein van Westerink samen met zijn vrouw Chus en dochter Bianca. Esra Can

Rein van Westerink schreef iedere dag een brief naar zijn Spaanse geliefde

Mensen AMSTL10

AMSTELVEEN Tien verschillende culturen, allemaal wonen ze in Amstelveen. In deze tienweekse serie spreken we tien mensen uit de grootste nationaliteiten in de stad. Vandaag het laatste deel: Rein van Westerink (70) uit Nederland.

Samen met zijn vrouw Chus en dochter Bianca zit Rein van Westerink in de tuin. De vrouwen spreken vliegensvlug Spaans tegen elkaar, Rein onderbreekt hen af en toe in het Nederlands. Rein en Chus kennen elkaar sinds juli 1974, toen ze elkaar ontmoetten op een Spaanse camping. Rein, een geboren en getogen Amstelvener, ging met zijn jeugdvriendengroep op vakantie naar het zuiden. Al snel raakten de jongens aan de praat met een groep Spaanse meisjes uit de buurt. “Iedereen zocht gelijk uit wie bij wie hoorde”, vertelt Rein. “Chus en ik bleven allebei over, dus ik probeerde haar te versieren. Maar daar wilde ze in eerste instantie niks van weten.” De vriendengroep keerde huiswaarts met - bijna - allemaal een Spaanse vriendin. Rein besloot Chus brieven te schrijven. Hij leerde de taal via langspeelplaten met een Spaanse cursus en schreef iedere dag een brief - “soms wel van twintig kantjes” - en sprak cassettes in. Uiteindelijk werd ook Chus verliefd.

[SCHOONVADER] Hij schreef ook brieven aan Chus’ vader, om hem te overtuigen met haar te mogen trouwen. “Want samenwonen zonder te trouwen, dat kon toen in Spanje echt niet”, zegt Chus. Nerveus ontving het nieuwe stel uiteindelijk de strenge vader op de Spaanse camping. Rein vond het spannend, omdat hij als Hollander met lang hippiehaar niet echt aan het plaatje van een perfecte schoonzoon voldeed. “Maar ik gaf hem netjes een kopje koffie, een sigaar en een krantje, en toen dacht hij: die Hollanders vallen eigenlijk best mee.”

Uiteindelijk werd de band met de Spaanse familie alleen maar hechter. De moeder van Chus heeft, na het overlijden van haar man, zeven jaar bij hen in huis gewoond. “Ze sprak geen woord Nederlands, behalve als ze de telefoon opnam. ‘Reintje? Nee, die is werken’, zei ze dan. En ze liep vaak door het Stadshart, terwijl ze ‘alles goed, alles goed’ zei tegen mensen die ze onderweg ontmoette.” Ze werd 95 jaar. 

[VAN DORP NAAR STAD] Door de jaren heen heeft Rein Amstelveen zien uitgroeien van een dorp tot een internationale stad. Nostalgisch vertelt hij over de kassen vol sla, op de plek waar nu het hoofdkantoor van KLM staat. Dat er nog geen snelweg was, maar een verkeersagent die, bewapend met een verkeersbord midden op de weg stond. Hoe hij als twaalfjarig jochie kranten bezorgde op zijn fiets in de polder. De huizen lagen in Amstelveen immers ver uit elkaar. De oude bioscoop Concordia op de plek waar nu een Argentijns restaurant huist, en Café Het Dorstige Hert in het oude dorp, waar hij ook wel eens een krant bezorgde. En bovenal het voer voor zijn veertig postduiven dat hij haalde bij de molenaar buiten het dorp. 

Hij kijkt er met weemoed op terug, maar houdt ook van de stad zoals die vandaag de dag geworden is. “Er is een Indisch feest in het Stadshart, je hebt Japanse, Koreaanse en Indische winkeltjes. Dat vind ik heel bijzonder voor een kleine stad. In het dorp had ik dat nooit gedacht.”

Andrea Huntjens en Esra Can

Dit artikel is mede tot stand gekomen door een bijdrage uit Mediafonds Amstelveen.

advertentie